Voion | Arbeidsmarkt & opleidingsfonds voortgezet onderwijs

Er wordt gezocht op *

Wat kan Voion voor u betekenen? En andersom!

Wat kan Voion voor u betekenen? (En andersom!)

Ton Rolvink - Hein van Asseldonk | Voion | Arbeidsmarkt & opleidingsfonds voortgezet onderwijs
Nieuw schooljaar, nieuwe speler: Voion is onderweg. De ambities zijn hoog voor de organisatie die vo-scholen oplossingsrichtingen en adviezen biedt rond drie programmalijnen: Arbeidsmarkt & mobiliteit, Opleiding & professionalisering, én Veilig, gezond & vitaal werken. Eerste voorwaarde voor succes? “Dat scholen ons weten te vinden!”

Bijzonder is dat Voion (‘VO In ONtwikkeling’) is opgericht op gezamenlijk initiatief van de sociale partners. Vandaar wellicht de eensgezindheid die bestuursleden Ton Rolvink (‘werknemerslid’) en Hein van Asseldonk (‘werkgeverslid’) uitstralen wanneer ze over Voion vertellen. “Traditioneel is de cao-onderhandelingstafel een strijdtoneel van werkgevers en werknemers,” vertelt Van Asseldonk, tevens bestuurslid VO-raad. “Maar om rond bepaalde onderwerpen makkelijker een structurele ontwikkeling op gang te brengen, is het goed om ze buiten die wat politieke sfeer te brengen en samen te werken. In die zin is Voion, net als voorganger Arbo-VO, een prachtig voorbeeld van polderwerken.” Volgens Ton Rolvink, vicevoorzitter AOb, denkt de Onderwijsbond er hetzelfde over: “Voion biedt de sociale partners de mogelijkheid om buiten de waan van alledag aan de slag te gaan met wat voor scholen werkelijk belangrijk is. Voor thema’s als arbeidsmarktbeleid, professionalisering en arbo, geeft samenwerking de meeste kans op resultaat.”

Voor/door scholen
Formeel continueert Voion sinds begin 2012 de gezamenlijke taken en verantwoordelijkheden van Arbo-VO en het Sectorbestuur Onderwijsarbeidsmarkt voor het vo. Maar vanaf 1 september 2012 gaat het echt beginnen: het activiteitenplan 2012-2013 barst van de initiatieven en ideeën. In hoeverre die tot wasdom komen, is volgens de bestuurders mede afhankelijk van het scholenveld. Volgens Ton Rolvink is het belangrijkste doel de komende tijd zelfs dat Voion genoeg scholen bij alle activiteiten weet te betrekken: “Ik hoop dat leraren, ondersteunend personeel, mr-en en directies ons gaan herkennen als dé autoriteit in ons werkgebied en ons weten te vinden als ze ergens een oplossing voor zoeken. Neem onze Arbocatalogus-VO; een heel waardevol en praktisch instrument, maar nog te weinig scholen benutten het.” Voion is nadrukkelijk ‘voor/door’ scholen. Van Asseldonk: “Om advies of ondersteuning te kunnen geven, is het aan de scholen om te laten weten waar ze precies behoefte aan hebben.

Leraar als sleutel
Hoger doel van het A&O-fonds is het verbeteren van de onderwijskwaliteit. Als sleutel daartoe ziet Voion de ontwikkeling en professionalisering van leraren gedurende hun carrière. Van Asseldonk: “Hoe beter de docent is toegerust om maatwerk aan leerlingen te leveren, om het onderwijs meer samenhang te geven, hoe beter de onderwijskwaliteit. Als Voion díe ontwikkelingen op scholen weet te stimuleren en faciliteren, ben ik ervan overtuigd dat het uiteindelijk de resultaten van leerlingen bevordert.” Dan moeten er natuurlijk wel voldoende gekwalificeerde leraren zijn. “Maar,” zegt Van Asseldonk: “het is in het VO, met zijn vele bevoegdheden en onvoorspelbare ontwikkelingen, een grote uitdaging om daarop gericht arbeidsmarktbeleid te voeren.” Eerste voorwaarde voor een goede aanpak door sector en scholen is volgens Van Asseldonk de beschikbaarheid van relevante data: “Daarom wil Voion dit schooljaar via sectorale en regionale arbeidsmarktanalyses achterhalen waar knelpunten en tekorten kunnen ontstaan, wat we kunnen doen richting scholing, welke investeringen de sector op langere termijn verzekeren van voldoende gekwalificeerd onderwijspersoneel.” Rolvink valt bij: “Juist de populatie eerstegrader heeft een impuls nodig”. “Typisch een klus voor Voion. Het is aan ons om schoolbesturen te attenderen op eventuele problemen en mogelijke oplossingen in de arbeidsmarkt. Vroeger was het normaal dat je meerdere bevoegdheden had. Nu zie je steeds vaker enkelvoudig opgeleiden. Als we hen kunnen prikkelen een tweede bevoegdheid te halen, heeft dat ook effect op hun ontwikkeling. Dus gaan we daarover met lerarenopleidingen in gesprek.”

Leraar voor het leven?
Voion zoekt komende tijd ook antwoord op de vragen hoe de onderwijsarbeidsmarkt mensen kan vasthouden en hoe de markt tegemoet kan komen aan de carrièrewensen van nieuwe generaties. Want diezelfde markt kampt met een stereotype: leraar ben je voor je leven. Rolvink: “Ik ben ervan overtuigd: als we leraren die nu voor de klas staan, meer weten te activeren en faciliteren in hun ontwikkeling, werkt dat door op hoe bruisend en dynamisch het onderwijs overkomt.” Van Asseldonk: “De generatie die nu aantreedt, zoekt flexibiliteit. Dat kunnen we niet negeren. Dus aan ons de taak om hier rekening mee te houden. Rolvink vindt het belangrijk dat mensen in het onderwijs ook als leraar een veelzijdige loopbaan kunnen ontwikkelen: “Te lang hebben we tegen onze beste mensen gezegd: je kunt best vooruit komen, zolang je maar geen les meer geeft. Dat noem ik kapitaalvernietiging. Ook binnen hun werksituatie zijn uitdagingen te creëren waarmee structurele professionalisering gegarandeerd is. Ieder mens wil af en toe kunnen koersen op ervaring, maar tegelijk wil niemand twintig jaar dezelfde les afdraaien.”

HR-kwaliteit cruciaal
Een van de uitgangspunten van Voion is dat een goed lopend HR-proces een cruciale factor is bij de versterking van de schoolkwaliteit. “HRM functioneert in het onderwijs nog onvoldoende, met name omdat de huidige bekostiging er te weinig ruimte voor laat”, zegt Rolvink. Voion zal nadrukkelijk aandacht besteden aan het bevorderen van de HR-kwaliteit op vo-scholen. Deels door het ontwikkelen en beschikbaar maken van instrumenten, bijvoorbeeld rond de gesprekkencyclus, deels met het verzamelen en ontsluiten van good practices. Van Asseldonk: “Als je kennismaakt met creatieve oplossingen van anderen, ervaar je sneller hoe dingen ondanks beperkte middelen toch kunnen verbeteren.”

‘Wat kunnen we voor je doen?’
“De wens er op deze onderwerpen nu eens samen uit te komen, dát vind ik het mooiste aan Voion”, besluit Van Asseldonk. “Doordat Voion initiatieven verzamelt, koppelt en deelt, voorkomen we hopelijk dat in onze sector hetzelfde wiel vaker moet worden uitgevonden. En dat doen we vanwege al die mensen die in schoolgebouwen in de weer zijn.” Voion rest de taak om de komende jaren voortdurend de peilstok in die schoolgebouwen te houden. “Niemand weet tenslotte beter wat de problemen op de werkvloer zijn dan leraren en schooldirecteuren zelf”, weet Rolvink. “En als het gaat om werkgelegenheid moeten we de managers vragen: ‘wat speelt er, wat kunnen we voor je doen?’”