Voion | Arbeidsmarkt & opleidingsfonds voortgezet onderwijs

Er wordt gezocht op *

Publicaties

Arbeidsmarkt leraren 2018

donderdag 17 januari 2019 | Arbeidsmarkt & mobiliteit

Betreft: Samenvatting van relevante cijfers en onderzoeken over de arbeidsmarkt voor leraren po, vo en mbo
Dit rapport is een bijlage bij de Kamerbrief over Arbeidsmarkt leraren 2018
rapport: januari 2019

Werkgelegenheid
  • In het vo zijn de aantallen fte leraren vrij direct gekoppeld aan de leerlingaantallen. Dit blijkt uit de verhouding tussen aantallen leerlingen en aantal fte docenten.
  • In het onderwijs is er relatief vaak sprake van deeltijdwerk. De 175 duizend fte aan onderwijsgevend personeel in de drie sectoren wordt door 230 duizend mensen ingevuld.
  • In zowel het primair onderwijs als het voortgezet onderwijs is het aandeel personeel niet in loondienst in de periode 2012-2017 flink gestegen. In het po is het verdubbeld en in het vo is er sprake van een toename met 70%.
Jonge leraren en hun loopbaan
  • Uit de enquêtes blijkt dat het aantal afgestudeerden dat na een half jaar een baan vindt in het onderwijs al vier jaar op rij stijgt.
  • Het blijkt dat pabo afgestudeerden tussen 2010 en 2012 gemiddeld steeds moeilijker een baan van voldoende omvang vonden, met ook hier een positieve kentering vanaf schooljaar 2014/2015 (afstudeercohort 2013).
  • In het vo en mbo is er altijd al minder sprake van vervangingsbanen geweest. Dat heeft ook te maken met het feit dat kortdurende afwezigheid van leraren daar doorgaans niet vervangen wordt.
Ramingen Arbeidsmarkt
  • Voor het vo en mbo geldt dat de verminderde leerling- en studenten aantallen, en daarmee de verminderde behoefte aan leraren, die de afgelopen jaren al in het po zichtbaar waren nu doorschuiven naar deze sectoren. Voor de komende 10 jaar wordt voor beide sectoren een aanzienlijke daling verwacht, die logischerwijs in het vo al wat forser is ingezet dan in het mbo.
  • De combinatie van langer doorwerken van leraren en een begin van de leerlingendaling zorgt er voor dat de verwachte piek in tekorten rond deze tijd minder hoog is dan voorheen werd voorzien.
  • De komende jaren gaan alsnog veel leraren met pensioen. Door het verhogen van de pensioenleeftijd en het langer doorwerken van veel leraren is dit enkele jaren uitgesteld. 
  • Als de onbevoegd gegeven lessen zouden worden meegeteld is het tekort in het voortgezet onderwijs aanzienlijk groter. Hier wordt in het volgende hoofdstuk verder op ingegaan.
  • Het lerarentekort in het voortgezet onderwijs is niet zozeer verschillend per regio (al is er wel een groter tekort in het westen), maar meer verschillend per vak.
  • Verwacht wordt dat de tekortvakken in de toekomst meer problemen gaan opleveren, terwijl de andere vakken de komende jaren minder tot geen problemen opleveren.
Bevoegdheid in het vo
  • Van de lesuren waarvoor een bevoegdheid kan worden vastgesteld vinden de onderzoekers dat 87,2% bevoegd gegeven wordt. Dit betreft vooral personen met het juiste diploma voor zowel het vak als de graadsector (eerste- of tweedegraads lesgebied) waarin men lesgeeft, maar het kan bijvoorbeeld ook een zogeheten teambevoegdheid betreffen.
  • Het vmbo kent het laagste aandeel bevoegd gegeven lesuren (83,2%) en het vwo het hoogste percentage (92,6%). Het percentage onbevoegd gegeven lessen is het hoogst op het vmbo (6,4%). Dit percentage ligt bij havo en vwo duidelijk lager met 2,8% resp. 2,1%. Op de havo is daarbij ten opzichte van het vwo sprake van relatief veel benoembaar gegeven lesuren (9,2% tegen 5,3%).
Overstappen tussen onderwijssoorten
  • Het aantal overstappers van po na vo en andersom zijn, bezien op het totale aantal leraren, bijzonder gering.
  • Werknemers van 60 jaar en ouder verlaten het vaakst de sector onderwijs. Daar zit een grote groep bij die met pensioen gaat. Jonge werknemers (onder de 29 jaar) lijken daarna het meest mobiel voor de beweging naar het verlaten van de sector onderwijs en het meest mobiel voor het overstappen naar een andere onderwijssector.
Ziekteverzuim en arbeidsongeschiktheid
  • Het ziekteverzuim in de onderwijssectoren laat over de afgelopen jaren een redelijk stabiel beeld zien.
  • Het niveau van het ziekteverzuim in de onderwijssectoren po, vo en mbo ligt boven het landelijk cijfer voor ziekteverzuim (4,0% in 2017 volgens het CBS).
  • De arbeidsongeschiktheid in de sectoren po, vo en mbo neemt in zijn totaliteit af, mede vanwege de strengere toelating tot de WIA-uitkeringen die ook zichtbaar is in het onderwijs.