Arbo Vo 294

Veilig en vitaal werken

Werken tijdens de Corona-pandemie

Werken tijdens de Corona-pandemie

Inleiding

Sinds de uitbraak van de coronapandemie zijn er allerlei maatregelen genomen om de verspreiding van- en besmetting met het coronavirus te voorkomen. In het maatschappelijk verkeer zijn deze maatregelen vastgelegd in (lokale) noodverordeningen. Handhaving op de regels waaraan burgers zich op straat moeten houden, gebeurt door de veiligheidsregio’s, politie en gemeentelijke BOA’s. Maar de werkgever is, vanwege de Arbowet, verantwoordelijk voor de gezondheid op de werkvloer. Welke maatregelen moet een vo-school nemen om een veilige werk- en leerplek te creëren tijdens de coronapandemie? Waar zijn deze vastgelegd en wie houdt toezicht op de naleving? Op deze website geeft Voion informatie over hoe vo-scholen weer veilig en gezond aan het werk kunnen tijdens de coronapandemie.

Arbowet
Nu de vo-scholen weer volledig open zijn, moeten zij maatregelen nemen om een veilige en gezonde werk- en leerplek te garanderen. Dit is vastgelegd in de Arbeidsomstandighedenwet (Arbowet) waarin staat dat het schoolbestuur de (zorg)plicht heeft het werk zo te organiseren dat daarvan geen nadelige invloed uitgaat op de veiligheid en de gezondheid van de werknemer en leerlingen. Om werkgevers te helpen invulling te geven aan deze verplichting tijdens de coronapandemie, hebben sociale partners Voion opdracht gegeven om een norm voor het coronavirus in de Arbocatalogus-VO voor het vo te ontwikkelen. Daarin staan de eisen en maatregelen beschreven die een werkgever op school moet nemen om besmetting met het coronavirus te voorkomen.

Bij de keuze van de maatregelen schrijft de Arbowet voor dat deze gebaseerd moeten zijn op de ‘stand van de wetenschap en professionele dienstverlening’. Voor wat betreft de gevaren van de corona-pandemie vertegenwoordigt het RIVM deze stand der wetenschap. Dit is het aangewezen instituut waar alle kennis wordt verzameld en dat richtlijnen opstelt over de omstandigheden waaronder het veilig is om te (gaan) werken. Bij het opstellen van de norm voor het coronavirus vormen de coronarichtlijnen, adviezen en maatregelen van het RIVM en de Rijksoverheid dan ook het uitgangspunt, maar zijn ook de verplichtingen uit de Arbowet en het Arbobesluit meegenomen.

Inmiddels is de norm voor het coronavirus getoetst door Inspectie SZW (I-SZW) en goedgekeurd. Dit betekent dat als werkgevers in het vo de eisen en maatregelen volgen zoals die staan beschreven in de norm voor het coronavirus in de Arbocatalogus-VO, zij voldoen aan de Arbowet en daarmee een veilige en gezonde werk- en leerplek hebben. Omdat de kennis rond het coronavirus zich nog elke dag ontwikkelt, kan dit consequenties hebben voor de te nemen maatregelen op scholen. De norm voor het coronavirus wordt hierop geactualiseerd. Via de website en Voion-nieuwsbrief worden scholen hierover geïnformeerd.

Risico-inventarisatie en -evaluatie
Om te kunnen beoordelen of alle noodzakelijke maatregelen tegen de verspreiding van- en besmetting met het coronavirus in de school zijn getroffen, zal de werkgever (ondersteunt door de preventiemedewerker van de school) een aanvullende risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E) moeten uitvoeren. Dit is een praktische, verdiepende checklist van de geldende norm voor het coronavirus waarmee de werkgever kan borgen dat alle te nemen maatregelen zijn uitgevoerd.

Deze verdiepende checklist volgt, net als de norm voor het coronavirus de Biologisch Arbeidshygiënische (BAH) strategie. Hierbij worden risico’s zoveel mogelijk bij de bron aangepakt; d.w.z. dat eerst de oorzaken van eventuele risico’s worden weggenomen. Alleen als dat niet mogelijk is, volgen technische, organisatorische en andere maatregelen; eerst collectief en pas daarna individueel. Als laatste middel worden individuele beschermingsmaatregelen getroffen.

Plan van aanpak
De aandachtspunten en knelpunten die uit de verdiepende checklist voortvloeien en de maatregelen die de werkgever gaat nemen om deze op te lossen, moeten in een Plan van aanpak worden vastgelegd. In de verdiepende checklist is al een voorzet voor een Plan van aanpak toegevoegd (welke maatregel wordt door wie, wanneer uitgevoerd en afgerond?). Het Plan van aanpak is onderdeel van de (wettelijk verplichte) RI&E waarop de p(g)mr instemmingsrecht heeft. De aanvullende corona-RI&E van de school (dus inclusief het Plan van aanpak) moet ook worden goedgekeurd door een gecertificeerde arbodienst/kerndeskundige. De preventiemedewerker kan adviseren of deze toetsing wellicht kan samenvallen met het toetsingstraject van de reguliere RI&E van de school.

Vergeet niet om eventuele effecten van de coronamaatregelen op andere zaken die in school zijn geregeld, zoals bijvoorbeeld het ontruimingsplan, de BHV e.d., in kaart te brengen. Het is raadzaam om alle geledingen, leerlingen en ouders over mogelijke maatregelen te laten meedenken. Door iedereen de kans te geven mee te denken over de maatregelen, kunnen er originele oplossingen ontstaan en is de kans groter dat er meer begrip en draagvlak zal zijn voor de te nemen maatregelen.

Aandacht voor werkstress
Het inventariseren en evalueren van de risico’s en het nemen van maatregelen reikt verder dan alleen het inrichten van het anderhalve meter onderwijs om blootstelling en verspreiding van het virus te voorkomen. Ook – of misschien wel juist – bij het werken tijdens de coronapandemie kunnen stressverschijnselen ontstaan. Dit kan zijn omdat werknemers niet gewend zijn met nieuwe (digitale) middelen te werken, omdat de kans op besmetting tot extra spanningen leidt. Ook de mogelijke belasting in de privé-situatie of verminderde steun of zelfs rouw heeft gevolgen voor de belastbaarheid op het werk. ​De werkgever moet dan ook de psychosociale arbeidsbelasting (werkstress) t.g.v. het werken tijdens de coronapandemie (blijven) inventariseren bij werknemers en maatregelen treffen als er signalen zijn dat de werkstress te hoog oploopt.

Voor het inventariseren van (onder andere) stress gerelateerde klachten is in de Arboscan-VO (de branche-RI&E voor het vo) een Quickscan PSA opgenomen.

Voorlichting en instructie
Werknemers, leerlingen en ‘derden’ zijn verplicht om de aanwijzingen van het schoolbestuur over veilig en gezond werken in de school op te volgen. Omdat de getroffen maatregelen in de school voor een groot deel gedragsregels (en niet uitsluitend technische maatregelen) zijn, licht het schoolbestuur de werknemers (en andere doelgroepen) in over de maatregelen die zij tegen de besmettingsrisico’s heeft getroffen en instrueert hen over hoe de maatregelen na te leven. Dit betekent dat de verschillende doelgroepen (leerlingen, ouders, medewerkers, leveranciers enz.) duidelijk en zo concreet mogelijk wordt verteld, welk gedrag van hen wordt verwacht. Natuurlijk moeten de werkomstandigheden zo zijn ingericht/gefaciliteerd dat iedereen het voorgeschreven gedrag ook daadwerkelijk kan vertonen. D.w.z. dat de uitgevoerde (technische en organisatorische) aanpassingen goed zijn uitgevoerd en benodigde materialen beschikbaar zijn.

Ook geeft het schoolbestuur aan haar werknemers aan welke faciliteiten zij heeft getroffen voor werknemers met stress- en/of angst-gerelateerde klachten. In dit kader heeft de werknemer - ook als hij zich niet ziek heeft gemeld - altijd de mogelijkheid om een (preventie)gesprek met de bedrijfsarts aan te vragen.

Het schoolbestuur ziet toe op het naleven van de instructies. Ook monitort en evalueert het schoolbestuur of de maatregelen het gewenste resultaat hebben. Als dat niet het geval is, stelt zij het beleid bij zodat de risico’s tot een minimum beperkt zijn.

 

Tips en links

Bij vragen over veilig en gezond werken tijdens de coronacrisis kunt u contact opnemen met het Voion Servicecenter Veilig en Vitaal werken : T 045-5796024. U kunt ook een e-mail sturen naar info@voion.nl.

​Geüpdatet: 4 september 2020

Onderzoeken