“We vroegen ons al een tijdje af of lessen van 60 minuten wel het meest passend waren bij onze leerlingen”, vertelt Monique van der Grijp, conrector bij Het Schoter. “Leerlingen maakten hierdoor lange dagen. Ook zagen we dat er best wat tijd in de lessen weglekte. Docenten wilden dit wel anders doen, maar hadden geen tijd om andere lessen te ontwikkelen. Door mee te doen aan de pilot Onderwijstijd konden we deze tijd wél creëren.”

Van der Grijp: “We hebben onze lessen verkort van 60 naar 50 minuten. De 10 minuten die we daarmee per lesuur besparen, hebben we in het eerste jaar van de pilot volledig ingezet voor ontwikkeltijd. In het tweede jaar hebben we hier een verdeling in aangebracht: 7 minuten per lesuur die we besparen zijn bestemd voor ontwikkeltijd en 3 minuten voor maatwerk. Vervolgens hebben we omgerekend hoeveel lessen maatwerk elke docent dan moet geven naar rato van diens aanstelling. Daarnaast hebben we in het rooster vaste momenten opgenomen waarop docenten ontwikkeltijd hebben en momenten waarop zij maatwerk kunnen bieden. Door effectiever met de lestijd om te gaan en meer te differentiëren, willen we de kwaliteit van het onderwijs verbeteren.”
Efficiënter inrichten van de lessen
Yara van Zon, docent Nederlands en leerlingcoördinator: “Elke donderdagochtend kunnen we de eerste twee uur besteden aan ontwikkeltijd. Ik ben dan samen met mijn collega’s bezig met het verbeteren van de lessen en het ontwikkelen van materiaal. Daarnaast zijn we één keer in de drie weken op dinsdagochtend met de werkgroep onderwijs bezig met het efficiënter inrichten van de lessen. In de werkgroep onderwijs zitten acht docenten van verschillende secties. Met hen kijk ik hoe je de les zo snel mogelijk opstart, wat voor (actieve) werkvormen je voor het middenstuk kunt bedenken en hoe je de lessen goed afsluit. Dat stramien, daar zijn we veel mee bezig.”
“We zijn veel bezig met het stramien van de lessen: een snelle opstart, actieve werkvormen voor het middenstuk en een goede afsluiting.”
Van der Grijp: “Het efficiënter inrichten van de les hebben we vorig jaar in fases aangepakt. We zijn begonnen met de startopdracht. We willen dat leerlingen binnen twee minuten met de lesstof aan de gang zijn. Daar hebben we ons met de hele school ongeveer tien weken op gericht. Vervolgens zijn we naar het middenstuk van de les gegaan. En aan het eind van het schooljaar hebben we met z’n allen gewerkt aan het slot van de les. Dit schooljaar ligt de focus op differentiëren: hoe houd je alle leerlingen bij de les en hoe bedien je ze zo goed mogelijk?”
Good practices delen
Van Zon vervolgt: “We hebben als werkgroep veel geïnvesteerd in het helpen van docenten bij het toepassen van het stramien. Zo hebben we onder andere een handreiking en een toolbox gemaakt en verschijnt er elke week een werkvorm in de berichten die we sturen naar het personeel. Van der Grijp vult aan: “Verder bezoekt de werkgroep onderwijs ook de lessen van collega’s en kan zij op basis daarvan weer good practices delen. Overigens doen we met de conrectoren ook een aantal keer per jaar lesbezoeken. We zitten dan niet bij de hele les, maar bezoeken telkens het gedeelte van de les waar op dat moment aandacht voor is.”
Maatwerk voor leerlingen die tekort komen
Van der Grijp: “Daarnaast hebben we dus maatwerk waar de mentor of vakdocent een leerling voor kan opgeven of de leerling zich zelf voor kan opgeven. Leerlingen die toch nog wat moeite hebben met bepaalde stof krijgen dan bijles. We hebben dat maatwerk ingezet voor leerlingen die door de aanpassing van de onderwijstijd eigenlijk tekort komen. Om die leerlingen te compenseren, kunnen zij naar dat maatwerk. De leerlingen die dat niet nodig hebben zijn vrij.
Medewerkers scenario’s laten ranken
En hoe is het proces verlopen? Van der Grijp: “Voorafgaand aan de pilot Onderwijstijd hebben we natuurlijk ons plan ingediend. We hebben toen een aantal scenario’s voorgelegd aan het personeel. Die scenario’s mochten medewerkers ranken. We hebben hen dus meteen betrokken en mee laten denken over wat we wilden. We hebben daarbij veel aandacht besteed aan de Why van de pilot: het gesprek over onderwijs op gang brengen en de kwaliteit van de lessen verbeteren. Uit de ranking kwam een hele duidelijke voorkeur voor een 50-minutenrooster naar voren. Vervolgens hebben we als schoolleiding dit plan verder uitgewerkt en met de medezeggenschapsraad besproken. Het plan door de medezeggenschapsraad krijgen, verliep eigenlijk vrij soepel.
“We hebben medewerkers een aantal scenario’s voorgelegd die zij mochten ranken.”
Waar we wel tegenaan liepen was dat sommige docenten vergeten waren dat in het tweede jaar van de pilot de maatwerkuren werden ingevoegd. Daar was toen wel een beetje opwinding over. We hebben dat toen iets aangepast, want in eerste instantie zou het in het tweede jaar gaan om vijf minuten per lesuur die we besparen voor ontwikkeltijd en vijf minuten voor maatwerk. Maar dit is later dus aangepast naar zeven minuten ontwikkeltijd en drie minuten maatwerk.”
Ziekteverzuim flink gedaald
Van Zon: “De nieuwe invulling van de onderwijstijd heeft ons veel tijd opgeleverd om de lessen beter te maken. Ook hebben we meer tijd om te overleggen en is er veel meer overeenstemming tussen docenten. Dat zorgt voor betere lessen. Daarnaast zijn we door de verkorting van de onderwijstijd veel actiever bezig met leerlingen. Verder vind ik het fijn dat leerlingen die niet helemaal meekomen tijdens het maatwerk nog net dat extra uurtje hebben om toch hun vragen te stellen.” Van der Grijp vult aan: “Ik vind ook dat het gesprek over onderwijs op gang is gekomen. Dat die tijd er voor is en dat docenten hierdoor veel bewuster naar de lessen en de lestijd kijken. Daarnaast heb ik het idee dat er meer rust in de school is gekomen. Verder is het ziekteverzuim onder docenten flink gedaald en bleek uit ons laatste medewerkerstevredenheidsonderzoek dat docenten het werk beter waarderen.
Neem medewerkers vanaf het begin mee
En zijn er nog tips of aandachtspunten die ze willen meegeven aan andere scholen? Van Zon: “Voor ons heeft het faciliteren van de uren voor onderwijsontwikkeling en maatwerk heel goed gewerkt. Van der Grijp: “En ik denk dat het goed is geweest dat we alle medewerkers vanaf het begin al hebben meegenomen door regelmatig bijeenkomsten te organiseren en ze dus de verschillende scenario’s te laten ranken. Maar tegelijkertijd moet je als schoolleiding zelf ook wel een plan hebben, anders komt het niet van de grond.”