VOION Haganum 2144

Publicaties

Landelijke veiligheidsmonitor 2020 - 2021

donderdag 14 juli 2022 | Veilig en vitaal werken

Betreft: Tweejaarlijks onderzoek naar veiligheidsbeleid en veiligheidsbeleving in het primair en voortgezet onderwijs
In opdracht van: het ministerie van OCW
Uitgevoerd door: ResearchNed
Datum rapport: januari 2022

De minister van OCW laat elke twee jaar het veiligheidsgevoel van leerlingen en personeel in kaart brengen met behulp van de ‘Monitor sociale veiligheid in en rond scholen’, de landelijke Veiligheidsmonitor. De monitor wordt sinds 2006 tweejaarlijks uitgevoerd in het (speciaal) voortgezet onderwijs. In het voortgezet onderwijs nemen leerlingen, personeelsleden en leidinggevenden deel.

De landelijke Veiligheidsmonitor levert, naast het landelijke beeld, ook voor de afzonderlijke scholen op locatieniveau een rapportage. Deelnemende scholen kunnen daarmee hun eigen veiligheidssituatie vergelijken met die van andere, soortgelijke, scholen en voldoen aan de in de wet gestelde eisen aan monitoring.

Deze Veiligheidsmonitor heeft in een bijzondere periode plaatsgevonden. Door de coronapandemie en maatregelen vanuit de overheid om besmettingen tegen te gaan, heeft het onderwijs afwisselend thuis en op school, fysiek en of online plaatsgevonden. In deze bijzondere context moeten de resultaten uit deze monitor bezien worden. Daarmee is een een-op-een vergelijking met eerdere jaren niet exact te maken. Naast de coronapandemie, zorgen ook aanpassingen in de vragenlijst ervoor dat op onderdelen een betrouwbare vergelijking met eerdere jaren niet altijd mogelijk is.

Beknopte uitkomsten voor het voortgezet onderwijs

  • Het gaat best goed met de sociale veiligheid op Nederlandse scholen. Negen van de tien leerlingen voelen zich (heel) veilig op school. Ook een ruime meerderheid van het (onderwijs)personeel voelt zich veilig.
  • Een veilig en ondersteunend schoolklimaat is bevorderend voor het veiligheidsgevoel van leerlingen en personeelsleden.
  • Een belangrijke uitkomst is dat veruit de meeste leerlingen in het basis en voortgezet onderwijs nooit gepest worden.
  • In het voortgezet onderwijs komen leerlingen vaker dan in het basisonderwijs in aanraking met geweld, meestal verbaal geweld, bedreiging of materieel geweld en soms met licht fysiek geweld. Ook het personeel krijgt wel eens te maken met geweld op school. Ook dan gaat het om verbaal of materieel geweld. Grof lichamelijk geweld richting het personeel komt zelden voor.
  • Uit de cijfers blijkt dat het lastig is voor zowel leerlingen als leerkrachten en ander schoolpersoneel om aan iemand te vertellen dat ze gepest worden.
  • De cijfers vragen om meer aandacht voor het melden van incidenten in het belang van de veiligheid op school, temeer ook omdat de meldingsbereidheid van leerlingen terug te zien is in die van het (onderwijs)personeel.
  • Ook de meldingsbereidheid en navolging bij geweldsincidenten kan beter.
  • Opmerkelijk is de constatering in deze monitor dat schoolleiders in zowel het basis als het voorgezet onderwijs lang niet altijd een inschatting kunnen maken hoe vaak er op school incidenten voorkomen.
  • Verreweg de meeste scholen voeren een sociaal veiligheidsbeleid: negen van de tien scholen in het voortgezet onderwijs.
  • Ongeveer de helft van de scholen traint het personeel in de omgang met agressie en geweld.
  • Gebleken is dat leerlingen die zich niet als jongen of meisje identificeren een grotere kans hebben om gepest te worden.
  • Wat het beste werkt om de veiligheid op school te vergroten is het terugdringen van (gewelds)- incidenten op school.

Download het volledige rapport >>