De handreiking Regionale samenwerking op personeelsgebied helpt schoolbesturen inzicht te krijgen in hoe zij hun samenwerking kunnen versterken en verder kunnen ontwikkelen – passend bij de eigen regionale context en vraagstukken. De handreiking sluit aan bij de ontwikkeling van onderwijsregio’s en de veranderende arbeidsmarkt.
Omdat steeds meer vo-scholen in de regio samenwerken op personeelsgebied en er veel gebeurt op de onderwijsarbeidsmarkt en in de vormgeving van de onderwijsregio’s, is de bestaande handreiking Regionale samenwerking op personeelsgebied (versie juni 2026) geactualiseerd.
De handreiking is interessant voor schoolbesturen die hun regionale samenwerking willen verrijken en voor schoolorganisaties die daarbij willen aansluiten. Met behulp van deze handreiking kan het samenwerkingsbeleid worden geëvalueerd, aangepast en/of kan een volgende stap worden gezet naar een verdergaande vorm van samenwerking.
In de handreiking staat hoe samenwerking op verschillende manieren kan worden verstevigd: van een basisvorm (samenwerkingsovereenkomst) naar een gemiddelde vorm (HR-servicepunt) of zelfs naar een intensieve vorm (regionaal mobiliteitscentrum).
De handreiking schetst de mogelijkheden voor werving en selectie en laat zien wat de gevolgen voor medewerkers zijn bij de verschillende vormen. Ook beschrijft de handreiking hoe samenwerking met andere scholen (juridisch) kan worden ingericht en uitgebouwd, wat de financiële gevolgen zijn en welke belemmeringen er kunnen zijn.
In de handreiking zijn in de bijlagen uitgebreide checklists opgenomen voor het opstellen van overeenkomsten en statuten. Deze bieden concrete ondersteuning bij het verkennen, vormgeven en vastleggen van regionale samenwerking. De checklists helpen om afspraken gestructureerd vast te leggen en niets over het hoofd te zien.
De checklists bieden daarmee een praktisch kader voor bestuurders, HR-professionals en beleidsmakers. Ze zijn bedoeld als hulpmiddel en laten ruimte voor regio-specifieke keuzes en verdere uitwerking.
De handreiking biedt aanknopingspunten om samenwerking verder te versterken en toekomstbestendig te maken.